De roerige geschiedenis van Loverendale

Op 8 september 2026 bestaat Loverendale in het Zeeuwse Oostkapelle officieel 100 jaar. Daarmee is het de oudste nog in bedrijf zijnde biodynamische boerderij. Ellen Winkel, auteur van ‘De aarde zal weer vruchtbaar zijn’, schrijft een ‘biografie’ over deze unieke boerderij. Haar boek komt in september uit. Speciaal voor de ‘grootste campagne ooit’ van BD Grondbeheer geeft ze alvast een tipje van de sluier.

Cultuurmaatschappij Loverendale is opgericht door Marie Tak van Poortvliet. Hoe kwam Marie aan de boerderijen?

“Marie Tak van Poortvliet is geboren in een hele rijke familie. De voorvaderen van Marie waren bestuurders en aandeelhouders van de VOC, waarmee ze heel veel geld hebben verdiend. Met al dat geld kochten ze onroerende goederen, waaronder land en boerderijen, waarvan Marie er meerdere heeft geërfd. Ze kreeg de Pannehoeve in Noord-Brabant en vier boerderijen op Walcheren: Ter Linde, Ter Mee, de Tuinderij aan de Lepelstraat en Nieuwerkerke. Op geërfd land liet ze aan zee bij Domburg Villa Loverendale bouwen, waar twee hectare grond bij was. En ze kocht een kleine boerderij, die ze als eerbetoon aan haar vriendin de Jacobahoeve noemde.”

Waarom koos zij voor de biodynamische landbouw?

“Op één of andere manier was Marie vooruitstrevend en had ze behoefte aan vernieuwing. Ook haar partner Jacoba van Heemskerck liep als moderne schilder op de troepen vooruit. Zowel Marie als Jacoba waren erg onder de indruk van het antroposofische gedachtegoed en volgden alles wat Rudolf Steiner deed. Aanvankelijk woonde Marie in Den Haag en bracht ze alleen de zomers door op Villa Loverendale. Toen Jacoba ziek werd, raadde de huisarts aan om het hele jaar aan zee door te brengen. Toen verhuisden ze naar Villa Loverendale waar Jacoba binnen een half jaar in 1923 overleed. Toen Rudolf Steiner in 1924 de landbouwcursus had gegeven, begreep Marie opeens waarom het lot haar naar Walcheren had gebracht. Ze zei: ik heb die boerderijen niet voor niks, het is mijn heilige plicht om de nieuwe landbouwmethode in de wereld te brengen.”

Hoe is ze gestart met de biodynamische landbouw?

“Samen met twee goede bekenden en vooraanstaande antroposofen, Ehrenfried Pfeiffer en Willem Zeylmans van Emmichoven, richtte Marie Cultuurmaatschappij Loverendale op. Ze stelde Ehrenfried Pfeiffer aan als directeur. Op de verschillende boerderijen stuurde hij de agrarische bedrijfsleiders aan. In 1926 was er alleen nog een handtekening. In 1927 was het eerste teeltseizoen op Villa Loverendale en de Jacobahoeve, de twee locaties waar ze zijn begonnen. De andere vijf boerderijen kwamen er één voor één bij zodra de pacht vrijviel. Vanaf 1932 werkten ze op alle locaties biodynamisch.”

De boerderij heeft een pioniersrol gehad. Waar liepen ze tegenaan?

“In de beginjaren waren er nog geen mensen met kennis van biodynamische landbouw dus het was een zoektocht om aan goede bedrijfsleiders te komen. Er werden boeren uit Duitsland en Zweden gehaald maar zij hadden geen verstand van de Zeeuwse klei en spraken ook geen Nederlands. Het was een komen en gaan van bedrijfsleiders, die niet functioneerden. Ook was er nog geen markt voor biodynamische producten. De afzet organiseerden ze in de jaren '30 via een klantenkring, die ze via hun antroposofische netwerk hadden opgebouwd. Maar deze mensen woonden vooral in de regionen van Rotterdam en Den Haag, wat erg ver weg was. Daarnaast verkochten ze veel aan de veiling.”

Het huidige Loverendale is één locatie. Wat is er met de andere boerderijen gebeurd?

“De internationale financiële crisis in 1930 heeft er ingehakt. Alles werd duurder en de kosten rezen de pan uit. Een gemiddelde boerderij is een familieboerderij, waar in tijden van crisis de familieleden gratis inspringen. Loverendale had een directeur en bedrijfsleiders in dienst, die bovendien ook nog eens heen en weer naar Dornach reisden. Tussen 1930 en 1935 draaiden ze elk jaar verlies. Ehrenfried Pfeiffer stelde toen voor om de hele boel te verkopen zodat ze nog net quitte konden spelen. Dat wilde Marie niet. Loverendale moest doorgaan. Wel werden in 1935 de Jacobahoeve, Villa Loverendale en boerderij Nieuwerkerke verkocht. Eind jaren 80 werden de Pannehoeve en het erf van Ter Mee verkocht. Het land van Ter Mee, de Tuinderij en Ter Linde vormt nu één geheel.”

Welke boeren hebben er op Loverendale gewerkt?

“Er hebben eindeloos veel mensen meegewerkt op Loverendale. Voor mijn boek was het een dilemma: wie noem je wel, wie noem je niet? De directeur Hans Heinze springt er voor mij uit, die er in 1935 bijkwam. Hij was van Duitse afkomst maar sprak goed Nederlands omdat hij in Nederlands-Indië op de plantages had gewerkt. Hij had niet alleen verstand van landbouw en antroposofie maar was ook sociaal heel invoelend. De Zeeuwse arbeiders droegen hem op handen. Hans Heinze heeft de boerderij weer economisch op de rails gebracht, enerzijds door de eerder genoemde verkoop van boerderijen, anderzijds door een goede relatie op te bouwen met de medewerkers en de landbouw af te stemmen op de Zeeuwse klei. Het grote ongeluk voor Loverendale was dat oorlog uitbrak. Behalve dat het Zeeuwse land een jaar onder water heeft gestaan als verdedigingslinie moest Hans Heinze aan het eind van de oorlog terug naar Duitsland en was het voor hem onmogelijk terug naar Loverendale te gaan. Vanaf de tweede helft van de jaren ’50 tot in de jaren ‘80 bezocht Hans Heinze jaarlijks Loverendale om mee te kijken en mee te denken. Daar waren de leidinggevenden heel erg blij mee.”

Loverendale werd landelijk bekend om het Loverendale brood. Hoe is dat ontstaan?

“Mede door het boek ‘Silent Spring’ van Rachel Carson en de Kabouterbeweging van Roel van Duin kwam er een golf van bewustwording. Dat vergrootte de belangstelling voor biodynamische producten. Daar hoorde bij dat mensen het Loverendale brood wilden eten. Er was nog geen enkele andere bakker, die biologisch brood bakte. Het Loverendale brood en ook hun befaamde sportkoeken werden in kratten met de trein vanuit Zeeland door het hele land geleverd, van Groningen tot Maastricht. De kratten werden afgehaald op het station en via verdeelpunten verspreid. Later kwam er ook een eigen vrachtwagen bij. Maar op een gegeven moment kwamen er meer bakkers van biologisch brood. Dat concurreerde met het brood van Loverendale, dat door de lange reis minder vers was. Omdat het broodverkoop terugliep, investeerde Loverendale in bakkerijen elders in het land. Dat waren verkeerde keuzes waar ze grote verliezen mee hebben geleden.”

Hoe zijn de huidige schulden op de grond ontstaan?

“In 1986 vierde Loverendale haar 60ste verjaardag met een mooi boek, waarin juichend werd vermeld hoe goed het ging. Er was zelfs extra grond aangekocht. In 1991 stond de boerderij er heel anders voor. Door de teruglopende broodverkoop en de verkeerde reactie daarop, was de boerderij in een diep gat gevallen. Om een faillissement te voorkomen hebben ze de bedrijfsgebouwen van Ter Mee verkocht. Van de grond is 14 hectare grond verkocht aan Piet en Heleen Korstanje, die daar Boomgaard Ter Linde op zijn gestart, en 80 hectare is verkocht aan het Biogrond beleggingsfonds van Triodos Bank. Piet en Heleen hebben de grond ondergebracht in Stichting Avalon, die de grond met schenkgeld heeft vrijgemaakt. Deze grond is nog steeds vrij en inmiddels ondergebracht bij BD Grondbeheer. De pacht op de 80 hectare in het Biogrondfonds werd op een gegeven moment onbetaalbaar, dus heeft Loverendale deze grond vijftien jaar later terug moeten kopen met een hypotheek. Deze grond is nu ook bij BD Grondbeheer. Als je terugkijkt had de ‘grootste campagne ooit’ in 1991 moeten plaatsvinden.”

Als je terugkijkt op de geschiedenis van Loverendale, welke rode draad zie je?

“Ik zie twee rode draden. Aan de ene kant is Loverendale op allerlei manieren, op heel veel vlakken en voor heel veel mensen een grote inspiratiebron geweest. Vanuit de hele wereld kwamen mensen er kijken hoe de biodynamische landbouw werkt in de praktijk. Een Egyptische prins heeft na een bezoek aan Loverendale in de jaren ‘30 de koninklijke landerijen omgeschakeld naar biodynamisch. De oprichting van de BD-Vereniging, Warmonderhof en de Kabouterbeweging vinden hun oorsprong op Loverendale. Ook via schoolweken hebben heel veel kinderen een belangrijke ervaring opgedaan, waar ze iets van meegenomen hebben in hun leven. Aan de andere kant is de ontwikkeling van Loverendale een enorme zoektocht geweest, die voor veel mensen heel zwaar is geweest. Hoe moet je biodynamisch boeren als niemand weet hoe dat moet? Hoe organiseer je de afzet van biodynamische producten als er nog geen markt voor is?”

Welke nieuwe inzichten heb jij opgedaan in het schrijven van dit boek?

“Marie Tak van Poortvliet heeft een heel mooi geschenk gegeven aan de mensheid, zoals ze het zelf noemt. Maar het is niet alleen een geschenk, het is ook een hele grote en zware opdracht voor de mensen die het door dragen. Het is niet niks wat ze van haar opvolgers vraagt. Daar zijn dingen bij misgelopen, met grote verliezen als gevolg. Het zou geweldig zijn als de grond, net als bij de start, weer vrij zou zijn, zodat Loverendale een goede basis krijgt om zich de komende honderd jaar te ontwikkelen in lijn met de wens van Marie Tak van Poortvliet. Als heel veel mensen meedoen, gaat dat lukken.”

Loverendale voor altijd vrij

help mee

Nieuwsgierig geworden? Teken je alvast in voor het boek

Nieuws

Lees meer

Lees meer

Lees meer